Het Inrichten van een catalogus is pas compleet nadat sjablonen zijn aangemaakt door de discipline expert (zie: Rollen en type gebruikers). Een sjabloon maakt het mogelijk om op één plek (vanuit de Catalogus) de data en visualisatie van een formulier te ontwerpen. Dit zogenaamde sjabloon kan oneindig hergebruikt worden in Projecten. In de volgende handleiding wordt uitgelegd hoe je en nieuw Sjabloon aanmaakt en vervolgens hoe dit sjabloon aangepast kan worden om de informatie en visualisatie te waarborgen van de bijbehorende keuring/inspectie/activiteit.

Navigeer naar sjablonen in de catalogus

Binnen een catalogus , komt de discipline expert terrecht op de volgende startpagina. Vanuit de startpagina, navigeer naar sjablonen. Het is ook mogelijk om ten alle tijden binnen een catalogus naar het sjablonen overzicht te navigeren vanuit het zij-menu.

Ga naar "Toevoegen"

Vanuit het sjablonen overzicht, navigeer naar Toevoegen.

Voeg nieuw sjabloon toe

Vul alle verplichte gegevens in om een een sjabloon toe te voege:

  • Naam: de naam van het sjabloon, deze keert terug in alle aangemaakte formulieren volgens dit sjabloon.
  • Fasen: De gewenste opdeling van het sjabloon formulier in losse taken, elk met zijn eigen visualisatie en lees/schrijfrechten. 
  • Navigatie paneel toevoegen (ja/nee): Voegt automatisch een navigatie paneel toe bovenin elke losse taak binnen het sjabloon formulier. Dit maakt navigatie makkelijk.
  • Algemene informatie toevoegen  (ja/nee): Voegt automatisch de algemene project informatie toe ter informatie. Dit is standaard de projectnaam en projectnummer. Deze neemt automatisch de gegevens over van een project waarin jouw sjabloon wordt hergebruikt.


Geen fasen beschibaar

Wanneer er geen fasen beschikbaar zijn om uit te selecteren, moeten deze eerst aangemaakt worden door de beheerder. Zie: Beheren van fasering van formulieren).


Na invullen van alle gegevens, bevestig dit door te klikken op het script: Toevoegen. Tot slot, navigeer Terug naar het Sjablonen overzicht.

Vanuit het sjablonen overzicht kun je het nieuw aangemaakte sjabloon zien. Veeg nu naar rechts voor meer informatie.



Navigeer naar het nieuwe sjabloon

Vanuit het sjablonen overzicht kan direct genavigeerd worden naar de bijbehorende taken van het sjabloon formulier. Doe dit door in het overzicht naar rechts te vegen, om de Fasen in te kunnen zien. Klik nu op de eerste fase van het nieuwe sjabloon en vervolgens op de link welke beschikbaar wordt gemaakt in de pop-up. Via de link kom je terecht in de taakverdeling  van de Catalogus. Klik vervolgens door naar de bijbehorende taak  van de fase.

 

Via de taak kom je terecht in het lege, nieuwe sjabloon formulier. Deze is te herkennen aan de naam bovenaan. Zie ook de bijbehorende fasering in de navigatiebalk.

Nu er een nieuw sjabloon is aangemaakt, kunnen we deze vullen met checklijsten, tabellen, afbeeldingen etc om een volledige weergave te ontwerpen van het formulier.

Pas de visualisatie aan (maak widgets aan)

Binnen elke taak  van het aangemaakte sjabloon kan nu de visualisatie en onderdliggende data aangemaakt worden. Om de visualisatie aan te kunnen passen, klik in de rechter bovenhoek op het menu. Via het menu, klik op Pagina bewerken  → .

Om snel een pagina te kunnen bewerken, gebruik de snelkoppeling ALT+W.

Wanneer de bewerkings-modus aanstaat, is dit te herkennen aan alle beschikbare menu's  per widget en doe grote knop  Voeg een nieuwe widget toe.

Klik nu op  Voeg een nieuwe widget toe en volg de stappen van de widget editor:

  1. Selecteer widget: Kies eerst een visualisatie. (in dit voorbeeld een formulier)
  2. Gegevens verstrekken: Pas de onderliggende data van de sjablonen aan. Welke data moet er gevisualiseerd worden? En de bijbehorende rechten van de getoonde data.
  3. Selecteer exemplaar: Optionele stap, nodig wanneer er meerdere exemplaren van data onderdeel aangemaakt zijn om te visualiseren.
  4. Widget configureren: Pas de visualisatie configuratie van de widget aan (denk aan hoogte, titels, etc.)
  5. Preview en opslaan: Inspecteer de widget en de geconfigureerde informatie, en klaar!

Er zijn vele soorten beschikbare widgets in KE-chain, elk met een mogelijke configuratie. Probeer ze allemaal uit! De meest gebruikte widgets zijn: Formulier, Basistabel, Tekst en Handtekening. Voor meer informatie zie: Aanpassen van een formulier.


De volgende stap is het selecteren van de data (stap 2: gegevens verstrekken). Selecteer onder de noemer "Catalog", het data onderdeel met de naam van jouw sjabloon (de regel is nu geaccentueerd). Na de selectie, is het mogelijk om Onderdeel toevoegen te selecteren.

Maak nieuwe data onderdelen en eigenschappen uitsluitend aan onder het bijbehorende onderdeel met de naam van jouw sjabloon onder de noemer "Catalog". Uiteraard mag je onder dit deel van het datamodel zo veel onderdelen en eigenschappen aanmaken als je zelf wilt.


Voeg een nieuw catalogus onderdeel model toe. Dit word een collectie aan eigenschappen in het formulier. Selecteer een onderdeelmodel naam, en een hoeveelheid.

De hoeveelheid geeft aan hoe veel exemplaren er van jouw model aangemaakt kunnen worden. Bijvoorbeeld: Voor het maken van een tabel, waarbij meerdere exemplaren (regels) van een model met dezelfde eigenschappen verwacht worden, is het verstandig om 0 of meer te selecteren als hoeveelheid. Voor een enkel formulier van eigenschappen is Precies 1 als hoeveelheid aanbevolen. Bij het maken van een formulier widget (dit voorbeeld), maken wij een onderdeel aan met een hoeveelheid: Precies 1.

Na het invullen van een naam en de hoeveelheid, bevestig met Toevoegen.

Na het toevoegen van een nieuw onderdeel, kunnen eigenschappen toegevoegd worden: op de data boom en selecteer het nieuw aangemaakte onderdeel (de regel is nu geaccentueerd). Klik vervolgens op eigenschap toevoegen.

Bij het toevoegen van eigenschap vul een verplichte naam van eigenschap in. Voer vervolgens een eigenschap type in. Elke keuze van eigenschap type, maakt het mogelijk om andere type validaties op een veld te configureren. Bijvoorbeeld:

  • Voor een geheel of decimaal getal is het mogelijk om een minimale en maximale waarde op te geven.
  • Voor een datum/tijd eigenschap, is alleen de invoer hiervoor beperkt.
  • In een bijlageveld kan een plaatje/foto geüpload worden.
  • Enkele selectie eigenschap: configureer een selectie lijst, of selectie knoppen, met zelf in te vullen opties.
  • Etc.

Probeer alle type eigenschappen uit! Elke eigenschap komt met zijn eigen validaties en visualisatie van informatie.

Vervolgens vul alle overige velden in zoals Beschrijving en maak het een verplicht veld. Tot slot, selecteer Voeg één en voeg een andere toe. Hierdoor kan je snel een volgende eigenschap toevoegen.



Voeg nog een eigenschap toe, en sluit af met toevoegen.

Voor het maken van een eigenschap om een locatie op een kaart te laten prikken: Maak een meerregelige tekst eigenschap met eenheid "GPS". Zie: Hoe maak ik een GPS widget?


Na het toevoegen van de twee eigenschappen, is het resultaat in de data-boom te zien. Plaats nu een vink voor het aangemaakte data onderdeel en zie dat automatisch vinkjes gezet worden in twee kolommen: Zien en Wijzigen:

  • Zien: de waarde van de een eigenschap is slechts te zien in de widget
  • Wijzigen: de waarde van de eigenschap is zowel te zien, als te wijzigen in deze widget,

Na het controleren van de toegangsrechten van de eigenschappen door het plaatsen van vinkjes in de kolommen: zien en wijzigen klik je op Volgende.

Na gegevens verstrekken, kom je bij de vierde stap: widget configureren (de stap selecteer exemplaar word automatisch overgeslagen, als er maar één exemplaar is). In de voorlaatste stap is het mogelijk om de visualisatie van de widget aan te passen. Voor een formulier widget is het bijvoorbeeld mogelijk om de titel aan te passen of de kolommen om te laten zien. Klik bijvoorbeeld op: kolommen en selecteer beschrijving. Dit voeg een extra kolom toe in de widget, zoals te zien in het voorbeeld scherm (deze wordt bij elke verandering hernieuwd). 

Bevestig de wijzigingen met bewaar widget.

Na het bewaren van de widget, is de nieuwe widget toegevoegd aan de taak.

Herhaal dit voor all taken van het Sjabloon om het sjabloon compleet te maken. Zie voorbeeld:

Om fasering goed terug te laten komen in de formulieren, denk aan de volgende vuistregels:

  • Configureer eigenschappen in de verschillende taken, echter breng variatie aan door lees/schrijf rechten.
  • Maak voor de verschillende rollen unieke taken: laat alleen zien wat voor de verschillende rol nodig is.



Sjabloon valideren

Na het volledig configuren van het nieuwe sjabloon, moet het gevalideerd worden. Alleen gevalideerde sjabloneen kunnen door voorbereiders geimporteerd worden in een project.

Om sjablonen te navigeren, navigeer via het zij-menu naar Sjablonen. Vervolgens, navigeer naar valideren.

Selecteer nu de sjablonen om te valideren. Het is ook mogelijk om meerdere sjablonen tegelijk te selecteren. Tot slot, voer de validatie uit door op het script Valideren te klikken. Nadat de sjablonen positief gevalideerd zijn, keer Terug naar het sjablonen overzicht.


Wanneer er fouten gevonden zijn in de configuratie, wordt dit getoond in de vrije ruimte onder de knop valideren. Zo wordt er een volledige analyse gedaan of alle widgets goed geconfigureerd zijn (gekoppeld aan het data model). Wanneer sjablonen niet correct geconfigureerd zijn, dienen alle fouten eerst verholpen te worden, voordat het sjabloon valide is.


Vanuit het slabonen overzicht veeg naar rechts om te zien dat het sjabloon gevalideerd is.

Sjabloon informatie compleet maken

Op dit moment is er geen informatie over het type sjabloon, de versie en de status ingevuld. Dit kan aangevuld worden door een sjabloon te wijzigen.